IP: wat zou er nou mis kunnen gaan?
Er komt meer kijken bij intellectueel eigendom (IP) dan op het eerste gezicht lijkt. Als u de verborgen aspecten over het hoofd ziet, kan uw IP in gevaar komen. In de biotechnologie hechten investeerders veel waarde aan een solide IE-strategie. Gepatenteerde technologie rechtvaardigt de aanzienlijke investeringen die nodig zijn om nieuwe geneesmiddelen door het regelgevingsproces te loodsen. Een IE-strategie onderstreept bovendien uw professionaliteit als ondernemer. Door IE vanaf het begin serieus te nemen, verschaft u uzelf een groot voordeel.
De behulpzame medewerker
Laten we eens kijken naar vier voorbeelden om te laten zien wat er mis zou kunnen gaan. Het eerste voorbeeld betreft een fictief biotechbedrijf met 40 medewerkers en een open cultuur die is gebaseerd op vertrouwen. Een klant belt de receptioniste en vraagt om de technische tekeningen van een van de producten van het bedrijf. Deze tekeningen zijn echter een bedrijfsgeheim. Er is geen beleid voor opgesteld. De receptioniste heeft toegang tot de tekeningen en deelt deze, vanuit de wens om behulpzaam te zijn, zonder een ondertekende geheimhoudingsovereenkomst (NDA) te vragen. De klant gebruikt de tekeningen om een eigen versie van het product te ontwikkelen en brengt deze op grote schaal op de markt. Het resultaat? Voor de rechter staat het bedrijf voor een zware strijd en is het wellicht niet in staat te bewijzen dat het de tekeningen überhaupt als bedrijfsgeheim heeft behandeld.
Wanneer samenwerking misgaat
Het tweede voorbeeld betreft een start-up in een vroeg stadium die wil samenwerken met een contractonderzoeksorganisatie (CRO). Er zijn duidelijke afspraken gemaakt over foreground-IP (de intellectuele eigendom die voortvloeit uit de samenwerking). Alle overige details vallen onder het standaard samenwerkingscontract van de CRO. De start-up brengt tijdens de samenwerking veel nieuwe ideeën en suggesties naar voren. Deze zijn echter niet op schrift vastgelegd. Tijdens een van hun bijeenkomsten deelt de CRO de start-up mee dat zij een octrooi zal aanvragen. De start-up beweert dat het octrooi is geïnspireerd door haar ideeën en suggesties. Volgens de CRO heeft zij de ideeën die in de samenwerking werden ingebracht, verder ontwikkeld. Wat de CRO betreft, is de uitvinding van haarzelf. Zonder schriftelijk bewijs van de bijdragen van de start-up is het standpunt van de CRO moeilijk aan te vechten. De start-up heeft elke aanspraak op het uitvinderschap verloren, evenals elk aandeel in wat een waardevol octrooi zou kunnen worden.
Vrijheid om te opereren
In het derde voorbeeld heeft een biotechbedrijf meerdere onderzoekslijnen en verwacht het binnenkort de markt te betreden met een nieuwe innovatie. Het bedrijf heeft zijn nieuwe product en de bij de productie gebruikte technieken al op twee toonaangevende conferenties aangekondigd. Kort daarna komt er een brief binnen van de advocaat van een concurrent: het nieuwe product maakt inbreuk op een octrooiaanvraag die door de concurrent is ingediend. Het bedrijf wordt gedwongen de productlancering uit te stellen totdat het met de concurrent over een licentievergoeding kan onderhandelen – ervan uitgaande dat de concurrent bereid is er een te verlenen. Door het product en de technologie openbaar aan te kondigen, heeft het bedrijf een concurrent gealarmeerd die de overlap anders wellicht niet had opgemerkt. De onderliggende fout is dat het bedrijf pas aan een ‘freedom-to-operate’-analyse heeft gedacht nadat het al in de lancering had geïnvesteerd.
Beursgang en het vereiste van nieuwheid
In het laatste voorbeeld heeft een spin-off van een universiteit een nieuw medisch product ontwikkeld. Er is veel belangstelling voor de start-up, waardoor deze interviews geeft en productpresentaties houdt. Het bedrijf wordt uitdrukkelijk gevraagd om zijn nieuwe product te demonstreren, zodat het publiek de innovatieve kwaliteiten ervan kan waarderen. Tegelijkertijd is het bedrijf op zoek naar investeerders om het product op de markt te brengen. Aangezien intellectueel eigendom een belangrijk aandachtspunt is voor potentiële investeerders, wil het bedrijf een octrooi aanvragen. Een van de belangrijkste vereisten voor een octrooi is nieuwheid. Maar het bedrijf heeft zijn product al openbaar gemaakt. Nu worstelt het met de nieuwheidsvereiste: alleen delen van de uitvinding die niet zijn getoond – voor zover die er al zijn – kunnen nog de basis vormen voor een octrooiaanvraag. Het resultaat is in het beste geval een beperkter octrooi, in het slechtste geval helemaal geen octrooi. Voor een bedrijf dat steunt op het vertrouwen van investeerders is dat een ernstig probleem: zwakke intellectuele eigendom verzwakt de pitch, en het ontbreken van intellectuele eigendom kan het gesprek volledig beëindigen.
Neem IP serieus
De bovenstaande voorbeelden hebben één ding gemeen: het negeren van intellectueel eigendom tijdens de productontwikkeling kan kostbaar zijn. Ogenschijnlijk kleine omissies, zoals een niet-gedocumenteerd gesprek of een te vroeg gegeven presentatie, kunnen leiden tot verlies van intellectueel eigendom of het wegvallen van investeerders. Geen van deze mislukkingen is moeilijk te voorkomen. Het begint met het serieus nemen van intellectueel eigendom vanaf dag één.
Het Nederlands Octrooibureau helpt u graag verder. Zij bieden een gratis persoonlijk adviesgesprek met een octrooiontwerper aan: een nuttig startpunt voor het opstellen van een IE-strategie.
Over het Nederlands Octrooibureau
Het Nederlands Octrooibureau helpt ondernemers die hun innovatie willen beschermen, samenwerkingspartners willen vinden of financiering willen verkrijgen. Of u nu een start-up, scale-up of mkb-bedrijf bent, onze ondersteuning is vertrouwelijk, onafhankelijk en gratis. Van inloopspreekuren bij techhubs tot advies op maat over octrooionderzoek: onze adviseurs staan in het hele land voor u klaar.
