Nieuws

CardioWorks: Coronaire Medium Ziekenhuiszorg thuisbrengen

Deze startup uit Gelderland verandert de zorg na een hartaanval - van de coronaire afdeling naar je huiskamer. Voor interventiecardioloog Robert Jan van Geuns en apotheker Lars Naber, medeoprichters van CardioWorks, begon het idee om de geïntensiveerde cardiale nazorg radicaal te veranderen met een simpele vraag.

Hun vraag? "Waarom behandelen we hartaanvalpatiënten voor hun intensieve nazorg nog steeds op de coronary care units (CCU's) van ziekenhuizen, terwijl we door medische documentatie precies weten wat ze nodig hebben en technologie ons in staat stelt die zorg elders te geven?"

Het is een vraag die is ontstaan door tientallen jaren ervaring. Opgeleid als apotheker bracht Naber een groot deel van zijn vroege carrière door in de farmaceutische industrie, onder andere als internationaal marketingmanager voor een gouden standaard voor de behandeling van acute hartaanvallen. In de loop der jaren specialiseerde hij zich in het herontwerpen van processen in de gezondheidszorg en leidde hij talloze innovatieprojecten in de zorg transitie. Maar zijn fascinatie voor acute cardiologie is nooit weggeëbd. En toen hij opnieuw in contact kwam met collega-innovator prof. dr. Robert Jan van Geuns in het Erasmus MC, was het zaadje voor CardioWorks geplant.

Een virtueel ziekenhuis voor post-dPCI zorg

CardioWorks ontwikkelt een innovatief model voor cardiale nazorg dat een deel van het ziekenhuis letterlijk bij de patiënt thuis brengt. "We noemen het Connected Care", zegt Naber. "Ons platform bootst na wat een Coronary Care Unit doet, maar dan zonder het gebouw. De patiënt staat nog steeds onder onze medische supervisie (we zijn officieel geregistreerd als ziekenhuis), maar herstelt in zijn eigen omgeving."

Persoonlijke, schaalbare en veilige zorg

De aanpak van CardioWorks combineert dat medische inzicht met geavanceerde monitoring op afstand en een robuust zorgprotocol. Na de dPCI worden geselecteerde patiënten naar huis overgebracht, waar ze continu worden gemonitord met draagbare sensoren en worden ondersteund door een verbonden team van cardiologen, verpleegkundig specialisten en een 24/7 helpdesk.

De overgang naar huis wordt met precisie uitgevoerd. Een verpleegkundig specialist haalt de patiënt op uit het interventieziekenhuis, brengt de sensoren aan en legt uit wat hem te wachten staat. Thuis wordt een kamergenoot, vaak een familielid, getraind in het gebruik van een AED voor het geval CardioWorks een levensbedreigende ritmestoornis registreert. Voor de patiënt is de ervaring menselijker. Voor ziekenhuizen zijn de voordelen praktisch: efficiënter personeel en minder druk op overbelaste hartafdelingen.

Het volledige model valideren

De focus ligt op patiënten die herstellen van een hartaanval na een dPCI (angioplastiek). Tegenwoordig blijven de meeste van deze patiënten 72 uur in het ziekenhuis om te controleren op mogelijke complicaties. Maar dankzij tientallen jaren onderzoek kunnen artsen nu voorspellen welke patiënten een laag risico hebben en welke follow-up ze nodig hebben.

Het CardioWorks-team valideert momenteel het volledige model in samenwerking met het Radboudumc, waarbij patiënten geleidelijk worden gemonitord in settings die thuisomstandigheden nabootsen - van ziekenhuiskamers tot off-site appartementen. Er is ook een wetenschappelijk onderzoek aan de gang om de emotionele behoeften van patiënten en zorgverleners tijdens deze overgang te begrijpen, en hoe ze het beste kunnen worden ondersteund.

Een structureel capaciteitsprobleem oplossen

De behoefte aan dit model is urgent. Ziekenhuizen in heel Nederland en daarbuiten hebben te maken met een knelpunt: na een PCI moeten patiënten vaak worden overgebracht naar een ander ziekenhuis voor verdere bewaking - maar ook daar zijn bedden en personeel beperkt. CardioWorks biedt een structurele oplossing: door de zorg op te splitsen in verschillende functies (zoals triage, monitoring, interventie) en over instellingen heen te opereren, stelt het model één team in staat om meerdere ziekenhuizen te ondersteunen.

"Omdat we gespecialiseerd zijn, hebben we geen gaten in de planning. Onze berekeningen laten zien dat we drie keer zoveel patiënten kunnen behandelen met hetzelfde personeel, vergeleken met een conventionele Coronary Care Unit", legt Naber uit.

Klaar voor uitrol

Het doel is om in 2027 live te gaan. Het Radboudumc wordt de eerste klinische partner en andere ziekenhuizen hebben al veel interesse getoond. De eerste doelgroep in Nederland omvat 5.000 voorspelbare, laagcomplexe dPCI-patiënten per jaar. "Zodra we routine krijgen, kunnen we uitbreiden naar complexere gevallen. Het totale aantal relevante opnames in Nederland is bijna 35.000 per jaar, en we willen het systeem vanaf dag één ontlasten."

Het concept heeft ook internationaal potentieel. "Hartprotocollen zijn wereldwijd opvallend gestandaardiseerd", zegt Naber. "Wat we in Gelderland bouwen is wereldwijd relevant."

Investeren in een dienst met een product

Om het concept op de markt te brengen had CardioWorks investeerders nodig die een ander soort medtech propositie begrijpen: niet het verkopen van apparaten, maar het leveren van zorg. Oost NL speelde in deze fase een cruciale rol en hielp het team met het aanscherpen van het businessplan, het valideren van de markt en het onderbouwen van de financieringsaanvraag.

Ook hier speelde Briskr een cruciale rol. "Ze hebben ons in contact gebracht met het Business Angels Network, ons gecoacht bij het pitchen en de juiste omgeving gecreëerd waarin ondernemers en investeerders echt met elkaar in contact konden komen."

Die steun hielp om van een gedurfd idee een levensvatbaar bedrijf te maken. CardioWorks had al een hoofdinvesteerder en is nu in actieve gesprekken met drie angel investors van BANN. "Briskr hielp de kloof te overbruggen. Ons model is nieuw voor veel investeerders: het leveren van een dienst in plaats van een product. Maar het is een slimme business case. En Briskr gaf ons de tools en het platform om uit te leggen waarom."